Maatregelen van bescherming

De reflectie van elektromagnetische golven is een zeer complexe materie en is afhankelijk van het type en de frequentie van de installatie, de vorm van het object, de afmetingen, de gebruikte materialen, de positie en oriëntatie ten opzichte van de antenne… Daardoor is het onmogelijk om eenvoudige regels op te stellen voor het oprichten van (tijdelijke) constructies.


Daarom wordt in ICAO EUR DOC 015 een combinatie van vlakken voorgesteld voor elk type van systeem. Op basis van dit document werden de “Dienstbaarheden” van Belgocontrol opgesteld. Objecten die hoger zijn dan deze vlakken dienen elk afzonderlijk door de relevante technische diensten van Belgocontrol bestudeerd te worden. De interpretatie of een object al dan niet hoger is dan de dienstbaarheden dient uitsluitend door de dienst Urbanisme van Belgocontrol te gebeuren. Zij zijn dan ook verantwoordelijk voor de selectie van de dossiers die door de technische diensten behandeld dienen te worden.

Naast deze “dienstbaarheden” die instaan voor de juiste werking van de installaties is er nog een tweede set van vlakken, opgelegd door ICAO DOC.8168 (“PANSOPS-vlakken”) die de vliegroutes van en naar de luchthavens beschermen.

Elke route is beschermd door welbepaalde vlakken die een veiligheidsmarge garanderen tussen het vliegtuig op die route enerzijds en elk obstakel op de grond anderzijds.
Nieuwe constructies of verhogingen van bestaande constructies (vb.het plaatsen van antennes op een gebouw) die deze vlakken penetreren vormen een obstakel met rechtstreekse impact op de veiligheid van het luchtverkeer. De dienst Urbanisme zal dan een hoogtebeperking of in het slechtste geval een negatief advies uitschrijven voor desbetreffend obstakel zodat de veiligheid gegarandeerd blijft.

Om de Dienstbaarheden en de PANSOPS-vlakken te vrijwaren zijn volgende regels ingevoerd:

  • Objecten en werken waarvoor een bouwvergunning nodig is en zich binnen de zone waar beperkingen gelden bevinden worden door stedenbouw (gemeentelijke administratie)- via het DG Luchtvaart – ter advies aan de dienst Urbanisme van Belgocontrol overgemaakt. Een vooradvies kan ook bekomen worden en dit rechtstreeks via de dienst Urbanisme.
  • Tijdelijke installaties die niet vergunningsplichtig zijn (zoals kranen, stellingen,…) maar zich wel binnen de zone bevinden en hoger zijn dan 6m dienen minimaal 2 maanden voor oprichting aangevraagd te worden aan de dienst Urbanisme.
  • Ook hoge begroeiing kan na verloop van tijd een risico voor de luchtveiligheid inhouden en dient dan ingekort of gerooid te worden.

Voor enkele specifieke gevallen gelden bijkomende regels:
  • Het gebruik van zendapparatuur op minder dan 1km van het luchthavendomein of van Belgocontrol apparatuur dient aangevraagd te worden bij de dienst Urbanisme..
  • Uitzonderlijke constructies (zoals hoogspanningslijnen, windturbines en constructies hoger dan 60m AGL) dienen steeds onderzocht te worden door de dienst Urbanisme. 30 dagen voor de aanvang van de werken dient de eigenaar opnieuw contact op te nemen met Belgocontrol, dit om eventuele publicatie van het nieuwe “obstakel” mogelijk te maken.

Een derde set van beperkende vlakken wordt opgelegd door ICAO in ANNEX14. Deze vlakken die zich volledig rondom de luchthaven bevinden maken geen deel uit van de bevoegdheden van Belgocontrol en staan onder toezicht van de betreffende luchthavenuitbater. Meer informatie hieromtrent kan verkregen worden via het DG Luchtvaart.
Video: onze opdracht (3,66 Mb)
 Bekijken
Jaarverslag 2009 (3,08 Mb)
 Lezen