Torenverkeersleiding

De voornaamste methode om het luchtverkeer op grondniveau en in de onmiddellijke omgeving rond een luchthaven te controleren, is visuele observatie vanuit een controletoren. Deze toren, een hoge structuur met ramen, biedt aan de luchtverkeersleiders een panoramisch zicht over de hele luchthaven en zijn omgeving. De torenverkeersleiders zijn verantwoordelijk voor de scheidingsafstand en de efficiënte bewegingen van de luchtvaartuigen en voertuigen op de rijbanen en banen van de luchthaven en luchtvaartuigen in de lucht in de nabijheid van de luchthaven.

Op sommige luchthavens staan ook radarschermen ter beschikking van de torenverkeersleiders. Zij kunnen een radarsysteem gebruiken (grondradar genaamd), om de luchtvaartuigen en andere voertuigen die zich verplaatsen op de luchthaven, te bewaken en te leiden, alsook een zogenaamde naderingsradar om het naderend of afvliegend luchtverkeer te bewaken. Op deze schermen wordt de positie van de luchtvaartuigen en de gegevenslabels afgebeeld met hun identificatie, snelheid en hoogte.

De verantwoordelijkheden van de torenverkeersleiders kunnen worden opgedeeld in drie algemene operationele disciplines; Ground Control, Tower Control, en Clearance Delivery. Hoewel elke torenprocedure verschillend is en er meerdere teams in belangrijkere torens verschillende banen kunnen controleren, bestaat er een algemeen concept van de delegatie van bevoegdheden binnen de torenomgeving.

  • Clearance delivery :

    Clearance delivery is de positie die zorgt voor de coördinatie met de Central Flow Management Unit van Eurocontrol (CFMU), verantwoordelijk voor het globale beheer van de luchtverkeersstromen in Europa, en het en-route centrum, om klaringen te bekomen voor afvliegende vliegtuigen. In normale omstandigheden gebeurt dit min of meer automatisch. Bij slechte weersomstandigheden of erg sterke vraag voor een bepaalde luchthaven of in een luchtverkeersleidingsector, wordt een spreiding in de tijd, rerouting van het verkeer, of zelfs in extreme gevallen een ‘slot' gebruikt (vliegvenster en dus een later vertrek) om te verzekeren dat het systeem in geen enkel geval wordt overbelast.

    De voornaamste verantwoordelijkheid van de clearance delivery positie is om te verzekeren dat het vliegtuig de juiste vertrekroute en het juiste klaringstijdstip voor het opstijgen ontvangt. Deze informatie wordt overgemaakt aan de grondverkeersleider om te verzekeren dat het vliegtuig de baan op tijd bereikt binnen de termijnen toegewezen door het CFMU.
  • Ground control :

    Ground Control is verantwoordelijk voor het "bewegingsgebied" van een luchthaven. Algemeen beschouwd, omvat dit gebied alle rijbanen, holdinggebieden, en een aantal manoeuvreerterreinen of intersecties waar de vliegtuigen toekomen die de baan en vertrekgates hebben verlaten. De verantwoordelijkheden alsook de werkzones die aan elke verkeersleider zijn toegewezen, worden duidelijk beschreven in lokale documenten en overeenkomsten eigen aan elke luchthaven. De vliegtuigen of voertuigen die zich verplaatsen in deze bewegingsgebieden, moeten daarvoor toestemming krijgen van de grondverkeersleider. Dit gebeurt normaal gezien via radiocontact, maar er kunnen speciale gevallen zijn waarbij er andere methodes worden toegepast, zoals bijvoorbeeld communicatie met optische signalen.

    Een efficiënte "grondverkeersleiding" is cruciaal voor het soepele verloop van de activiteiten van de luchthaven. De grondverkeersleider heeft als voornaamste taak om de veiligheid van de grondbewegingen te verzekeren, en is daarnaast verantwoordelijk voor het optimaliseren van de volgorde waarin de vliegtuigen zich moeten oplijnen aan de drempel van de baan (sequencing) en dit met het oog op het versnellen van het opstijgritme. Een aantal drukke luchthavens beschikken over elektronische systemen die werden ontworpen om de vliegtuigen en voertuigen op de grond te volgen en te identificeren. De grondverkeersleider gebruikt deze als een bijkomend werkinstrument om het grondverkeer te beheren, vooral 's nachts of bij slecht zicht. Deze moderne systemen geven een gedetailleerd overzicht van de operaties op de grond en van alle voertuigen die door de radar gelocaliseerd worden, alsook geïdentificeerd met een datablok. Bovendien waarschuwen computergestuurde alarmsignalen de grondverkeersleider voor elk mogelijk gevaar. Het AMS (Airport Movement System), ontwikkeld door Belgocontrol, verschaft de luchtverkeersleiders bovendien alle pertinente informatie inzake de gecontroleerde toestellen, op een beknopte en efficiënte manier.
  • Air control :

    De verkeersleider "air" is verantwoordelijk voor de bewegingen op de banen alsook het luchtverkeer in de onmiddellijke nabijheid van de luchthaven. Zo geeft hij vliegtuigen toestemming om op te stijgen of te landen, waarbij hij zich ervan verzekert dat de toegewezen baan vrij is voor het beoogde manoeuvre. Wat het verkeer in de lucht betreft, is de verkeersleider "air" verantwoordelijk voor het beheer van een gecontroleerd luchtruim, CTR genaamd, dat de luchthaven overkoepelt, en waarbinnen hij de veiligheid van naderende of afvliegende toestellen verzekert door geschikte instructies te geven. Indien de verkeersleider "air" een mogelijk onveilige situatie opmerkt, kan hij de piloot van een landend vliegtuig opdragen om door te starten of aan een afvliegend toestel het bevel geven om af te zien van een vertrek.

    In de toren zelf is het absoluut noodzakelijk dat het communicatie- en samenwerkingsproces tussen air en ground control uiterst gedisciplineerd verloopt. Maar daar houdt de samenwerking met de andere luchtverkeersleiders niet op: het is immers ook wenselijk om in samenspraak met de radarverkeersleiders van de naderingsverkeersleiding, de scheidingsafstanden te bepalen voor naderende toestellen om zo de nodige ruimte vrij te maken voor vliegtuigen die opstijgen of een baan oversteken.

De generische term torenverkeersleiding verwijst naar luchtverkeersleiding die vanuit de toren gebeurt, zonder een onderscheid te maken tussen de air-, ground- en clearance delivery-posities.

Belgocontrol beheert de controletorens op de luchthavens van Oostende, Antwerpen, Brussel-Nationaal, Charleroi, Luik en Kortrijk (Flight Information Services).

 
AIM Briefing
 

Jaarverslag 2016   (3.37 Mb)
De controletoren van Brussel-Nationaal - Voor een optimale veiligheid van het luchtverkeer   (0.63 Mb)
The Sky within your reach: become an air traffic controller   (0.16 Mb)
CANAC 2: luchtverkeersleiding gericht op performantie   (0.84 Mb)
Video: Luchtverkeersleiding - De kerntaak  
Video: Het luchtruim - De organisatie